Hoe stop je het vastlopen van actieve burgers op ijzeren-heinig bestuur?

Onze overheid zegt o zo graag actieve burgers te willen. Mensen die in hun eigen gemeenschap het voortouw nemen. En zo, in samenwerking met hun gemeente, een mooiere, krachtiger samenleving nastreven.

Diezelfde overheid heeft al jaren initiatieven lopen  om het strak beleidsmatig top-down werken om te turnen naar een gedurfder werkwijze. Een lichtvoetiger manier van lerend werken, met ruim baan voor burger-initiatieven. Zulke vernieuwing is al jarenlang uitgewerkt, onder regie van Binnenlandse Zaken en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Recent deed ook Tjeenk Willink een flinke vernieuwingsduit in het zakje.

 

Dit alles vereist actieve burgers. Hoe je als burger effectief de samenwerking kunt zoeken, wordt elders op deze site uit de doeken gedaan.

Maar gemeenten hebben vaak nog grote moeite het been bij te trekken.

Ze zuigen zo de energie uit burger-initiatieven. Immers, snel, praktisch resultaat is de zuurstof voor burger-initiatief. Dat is tegenovergesteld aan alles waar gemeenten zich veilig bij voelen: papierwerk, procedures, langdurige verkenningen. En als klap op de vuurpijl is er hun voortdurend wijzigende, politieke waan van de dag. Continuïteit bieden, zodat burgers hun tijdsinvestering niet verloren zien gaan, gaat hun vermogens vèr te boven.

De urgentie van overheids-innovatie werd tijdens diens nieuwjaarstoespraak nog eens onderstreept door de Hilversumse burgemeester Broertjes.

Vanuit gemeenten hoor je vaak zulk enthousiasme voor nieuw denken. Maar gemeenten blijken verregaand onmachtig om zulke praktische ideeën in praktijk te brengen. Is de wil er wel echt? En àls er al beweging is: o, wat gaat het langzaam.

Lokale bestuurders hebben een sleutelrol in het door de bocht trekken van zo’n gemeentelijk apparaat. Begrijpen ze dat? En zo ja, hoe zit het met hun verandervaardigheden?

Gelukkig bloeien er hier en daar bloempjes. Een aardig voorbeeld is te vinden in Groningen, waar ‘scharrelambtenaar’ Liesbeth van de Wetering vormgeeft aan een oprecht nieuwe samenwerking met burgers. Met een werkwijze die deels geïnspireerd lijkt op het alternatief voor de gekozen democratie wat David van Reybrouck jaren geleden aanreikte.

Het is mooi dat ook zo’n commissie Remkes weer eens vernieuwingssuggesties uit het stof haalt. Nog mooier is, dat ook deze commissie over urgentie spreekt (hoewel het beter was geweest wanneer Remkes als Commissaris van de Koning zijn invloed had gebruikt om zulke vernieuwing er bij de provincie Noord-Holland door te drukken).

Eigenlijk zijn veel vernieuwingsvoorstellen zelf ook al weer achterhaald aan het raken. Er wordt al veel te lang gepraat. We zijn aan drastischer innovatie toe. Waarom is men toch zo bang om fundamenteel te vernieuwen? Onvoldoende vernieuwen levert nu veel groterer risico’s op.

Is er langzamerhand niet een hele goede reden de gekozen democratie te vervangen door het deels op loting gebaseerd systeem dat David Reybrouck voorstelde?

Links- of rechtsom, vernieuwing van de democratie wordt steeds urgenter. De komende jaren moet blijken of dat besef ook in actie wordt omgezet. Dat is dus nog tijdens de bestuursperiode van de huidige B&W colleges.

Ook nu nog, ruim na 5 december, klopt ons hart vol verwachting…

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.